zondag 15 april 2012

Historie Bevrijding Bergen-Belsen 15 april 1945


Nazi-arts Fritz Klein in een massagraf van Bergen-Belsen na de bevrijding in april 1945
Vanaf 30 april 1943 werd een deel van Bergen-Belsen concentratiekamp. Het werd bevolkt door een groot aantal Joden, die niet meer tot werken in staat waren, alsmede dwangarbeidsters en later ook geƫvacueerde gevangenen uit concentratiekampen uit het oosten. De overbevolkte situatie veroorzaakte nog meer doden door ziekten, ondervoeding en uitputting. Alleen al tussen januari en april 1945 stierven ongeveer 35.000 personen. Anne Frank en haar zuster Margot bevonden zich onder de slachtoffers. Zij stierven, vlak voor de bevrijding, in maart 1945 aan vlektyfus. Ook de Belgische minister Arthur Vanderpoorten (1884-1945) stierf hier. De Nederlandse journalist Ischa Meijer overleefde echter als 2-jarig kind tezamen met zijn ouders de internering in Bergen-Belsen.

Bevrijding
Bij de bevrijding van Bergen-Belsen door de Britten op 15 april 1945 troffen zij massagraven en duizenden onbegraven lichamen aan, naast ongeveer 60.000 overlevenden, waarvan er nog eens 13.000 bezweken in de loop van de daaropvolgende dagen en weken, onder meer aan de gevolgen van ondervoeding en uitdroging. De overlevenden werden op de dag van de bevrijding overgebracht naar de twee kilometer verderop gelegen kazerne. Het kamp Bergen-Belsen werd na de bevrijding met de grond gelijkgemaakt en afgebrand, vanwege het zeer hoge risico van besmetting met tyfus en luizen. De laatste barak werd op 24 mei 1945 in het bijzijn van de voormalige gevangenen met een kleine plechtigheid verbrand.

Bron Wikipedia

Geen opmerkingen:

Een reactie posten